Nieuws

Afschaffing lastenverminderingen doelgroepwerknemers

De federale overheid verleende op 11 december 2008 haar steun aan het Interprofessioneel Akkoord(IPA) (PDF).

In het IPA werd overeengekomen om een reeks bijdrageverminderingen voor doelgroepwerknemers af te schaffen. Dit geldt in het bijzonder voor oudere werknemers, waarvoor de voordelen volledig worden afgeschaft. Voor langdurig werkzoekenden worden de voordelen afgeschaft voor werkgevers uit de private profitsector. Voor laaggeschoolde jongeren, die hun intrede maken op de arbeidsmarkt, worden de voordelen gedeeltelijk afgeschaft. Het gaat om een besparing van 530 miljoen EUR. De gevolgen van deze hervorming worden niet ondervangen door een versterking van de structurele bijdragevermindering.

Het resultaat is dat de loonkost van de meest kwetsbare groepen, waaronder 50plussers, substantieel toeneemt. Een recente studie van het Steunpunt WSE Opent in nieuw venster, die de gevolgen van het IPA onderzocht geeft aan dat ongeveer 470.000 werknemers in België getroffen worden door de afschaffing van de 50+korting.
De bijdragevermindering voor werknemers ouder dan 50 jaar bedraagt momenteel 50 EUR per kwartaal op de leeftijd van 50 jaar en loopt op met 50 EUR per kwartaal voor elk extra leeftijdsjaar. Vooral voor lagere looncategorieën leidt dit al gauw tot een zeer behoorlijke reductie van de loonkost. Het Steunpunt berekende dat ongeveer 33% van de vijftigplussers tot lage looncategorieën behoort (minder dan 6.600 per kwartaal; dit is de opgetrokken lageloongrens in het IPA). Het is vooral de relatieve loonkostpositie van oudere werknemers ten opzichte van jongere werknemers die door deze maatregel achteruitgaat. De bijdragevermindering 50+ reduceerde precies een met de leeftijd sterk oplopende loonkost, gegeven de sterke doorrekening van anciënniteit in het loon die typisch is voor bedienden en kaderjobs.

Minister Frank Vandenbroucke presenteerde op een studiedag van het Steunpunt WSE op 17 december 2008 gedetailleerde cijfers over de toename van de loonkost voor diverse doelgroepwerknemers ten gevolge van deze hervorming::

Het Steunpunt WSE heeft o.b.v simulaties de gevolgen van de IPA maatregelen (afschaffing 50+korting; optrekken bijkomende lineaire lastenverlaging via de structurele lastenverlaging; optrekken lage loongrens) berekend voor de globale sectorale werkgelegenheid Opent in nieuw venster. Op korte termijn vinden zij een beperkte daling van de loonkost over alle sectoren samen berekend. Het geeft sterk te denken dat vooral sectoren die het meest hun loonkost zien dalen precies die sectoren zijn die het minste vijftigplussers tellen. Sectoren met gemiddeld hogere lonen en/of een groot aandeel vijftigplussers (banken, energie, productie bouwmaterialen) zien hun loonkosten nà hervorming wèl stijgen in vergelijking met de huidige situatie. Op langere termijn (2017) leidt de IPA hervorming onder invloed van de vergrijzing tot een loonkostenstijging voor een toenemend aantal sectoren. Het gaat voornamelijk over de sneller vergrijzende industriële sectoren, de banken, verzekering en de gezondheidszorg. De vergrijzing zorgt er immers voor dat sectoren steeds meer vijftigplussers in hun tewerkstelling zullen tellen. Illustratief hiervoor zijn de simulaties voor de sector ‘chemie, kunststoffen en life sciences’. Deze wijzen uit dat het aantal vijftigplussers in de werkgelegenheid van deze sector stijgt van 19,4% in 2007 naar 26,2% in 2017 (p. 9). In tijden van ontgroening zal de vervangingsvraag immers in toenemende mate moeten ingevuld worden door oudere leeftijdscohorten. De afschaffing van de doelgroepvermindering maakt nu deze groepen precies relatief duurder.

De schrapping van de doelgroepkortingen dreigt de belangrijke inspanningen op het vlak van stimulering van aanwervingen van 50+ o.m. via de Vlaamse tewerkstellingspremie 50+ te ondermijnen. Het aandeel vijftigplussers in de nieuwe aanwervingen is in Vlaanderen mede dankzij het stimulibeleid gestegen tussen 2006 en 2007 van 5,5% naar 6,7%. In de periode 2002-2004 lag het aandeel steeds lager dan 5%. De werkzaamheidsgraad van 50plussers, en vooral van 55-plussers, blijft echter nog laag. Slechts 34,3% van alle 55plussers is aan het werk (cijfers tweede kwartaal van 2008). In de huidige periode van herstructureringen vormen oudere werknemers een van de meest kwetsbare doelgroepen: zij worden bij collectief ontslagen enerzijds uitgestoten, terwijl hun kans op een nieuwe baan anderzijds beperkt blijft. Dit blijkt ondermeer uit de toename van het aantal brugpensioenen en uit een daling van de werkzaamheidsgraad van oudere werknemers in Vlaanderen. Het aantal bruggepensioneerden met vrijstelling steeg met + 1 % en het aantal bruggepensioneerden, dat sinds het generatiepact beschikbaar moet blijven voor de arbeidsmarkt kende meer dan een verdubbeling ten opzichte van vorig jaar.

De tijdelijke werkloosheid is eveneens sterk toegenomen. Bij 50plussers met 16,5%; de stijging voor de totale groep tijdelijke werklozen bedroeg 13%. Deze ontwikkelingen weerspiegelen zich ook in een afnemende groei van de werkzaamheid onder oudere werknemers. Na een periode van een aanhoudende stijging sinds 2006, is de arbeidsdeelname van 55plussers in het tweede kwartaal 2008 zelfs voor het eerst gedaald met 0,3%.



Bron: DWSE (Excel)

Kortom: In een context van dreigende recessie en van een sterke vergrijzing van de arbeidsmarkt rijzen er belangrijke vragen naar het maatschappelijk effect van de voorgestelde afschaffing van doelgroep lastenverlagingen, in het bijzonder die van 50plussers. Oudere werknemers, die tot één van de meest kwetsbare doelgroepen kunnen gerekend worden, worden een pak duurder met negatieve gevolgen voor hun verdere integratie op de arbeidsmarkt. Inspanningen van de laatste twee jaar ter stimulering van de aanwerving van 50plussers dreigen zo ondermijnd te worden.

De Vlaamse regering heeft heftig geprotesteerd tegen deze aangekondigde hervorming. Op vrijdag 16/01 besliste het overlegcomité van de verschillende overheden  deze zaak te agenderen op de Interministeriële Conferentie tewerkstelling, vorming en sociale economie. Deze permanente samenwerkingsstructuur tussen de federale staat en de gewesten en gemeenschappen zal dit dus agenderen. Tegelijk zijn de betrokken KB’s echter al naar de Raad van State vertrokken voor advies. Als deze KB’s ook gepubliceerd zouden worden, dan zal in april 2009 de federale regering beginnen met de geleidelijke afbouw van de lastenverlagingen voor bedrijven die 50-plussers in dienst hebben. Minister Vandenbroucke stelt dat Vlaanderen dan moet overnemen. Dit vergt een overdracht van die bevoegdheid van het federale niveau naar de gewesten.

Vlaamse overheidexpertisecentrum voor Leeftijd & WerkWerk.be